drs. Tieleke Huybers
Iemand die aan “het oude Egypte” denkt, ziet waarschijnlijk in eerste instantie pyramides, mummies en farao’s voor zich. Maar stel je voor: het paleis van zo’n farao, of van een van zijn ambtenaren, gelegen aan de vruchtbare oevers van de Nijl, die als een groen lint door de gele, hete woestijn loopt, om het huis heen een schaduwrijke en koele tuin met palmen en bloemperken, vijvers met goudvissen en waterlelies.
Planten en bloemen waren erg belangrijk, om hun sierwaarde maar ook om hun symbolische betekenis. De papyrus en de lotus waren zelfs 'levenssymbolen': de papyrus omdat hij zo snel groeit, de lotus omdat hij vanuit de zwarte modder naar de zon omhoog schiet. Daarom komen ze zo ontelbare malen voor op decoraties en sieraden.
Opgravingen in de negentiende negentiende en twingtigste eeuw maakten de wereld meer bekend met het dagelijks leven van de Egyptenaren. Dit leidde zelfs tot een 'Egyptomania': de sierlijkheid en de elegantie van de Egyptische plantenvormen inspireerden onder andere de kunstenaars van het “Fin de siècle”en de Art Déco.
Het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden wijdt deze zomer een tentoonstelling aan dit vrij onbekende aspect van de Egyptische oudheid.
Wij gaan u rondleiden!
Rijksmuseum van Oudheden, Leiden; t/m 2 september



